Steen des Aanstoots voor Israël
OT: Isaiah 8:13-14
NT-toepassing: 1 Peter 2:8
Toon de teksten
OT: Den HEERE der heirscharen, Dien zult gijlieden heiligen, en Hij zij uw vreze, en Hij zij uw verschrikking. Dan zal Hij ulieden tot een Heiligdom zijn; maar tot een steen des aanstoots en tot een rotssteen der struikeling den twee huizen van Israel, tot een strik en tot een net den inwoners te Jeruzalem.
NT: Dengenen namelijk, die zich aan het Woord stoten, ongehoorzaam zijnde, waartoe zij ook gezet zijn.
Jesaja zegt dat YHWH Zelf Israël tot een steen des aanstoots zou zijn. Petrus past dit rechtstreeks toe op Christus, en identificeert Jezus als de YHWH over Wie Israël is gestruikeld.
Theologische betekenis
De steen waarover Israël struikelde was YHWH Zelf, gekomen in het vlees. Wie Jezus verwierp, verwierp de God die zij beweerden te aanbidden.
Verdere verwijzingen: Romans 9:33
; Isaiah 28:16 ; Luke 2:34