De Spruit (Tsemach) → Christus
De Spruit-profetieën (Jeremia 23:5-6; Jeremia 33:15-16; Zach 3:8; Zach 6:12-13; Jes 4:2; Jes 11:1) tekenen een rechtvaardige Davidische telg die JHWH-Tsidkenu — 'JHWH onze gerechtigheid' — wordt genoemd. Zacharia 6:12-13 toont Hem als Diegene die de tempel bouwt en als priester én koning tegelijk op één troon regeert, met 'raad des vredes tussen die beiden.'
Toon teksten en betekenis
OT-type: Jeremia 23:5-6
; Jeremia 33:15-16; Zacharia 6:12-13; Zacharia 3:8; Jesaja 11:1-5NT-vervulling: Lukas 1:32-33
; Johannes 2:19-21; Hebreeën 7:1-3; Zacharia 6:12-13; Openbaring 22:16De Spruit is tegelijk volledig menselijk — een tak uit de stronk van Isaï (Jes 11:1), van Davids huis — én draagt de goddelijke Naam JHWH-Tsidkenu (Jeremia 23:6), wat JHWH Zelf als de gerechtigheid van Zijn volk aanduidt. De éne troon met het gecombineerde priester-koningschap (Zach 6:13), dat de Wet verbood aan sterfelijke mensen, wijst op een Persoon wiens natuur de twee ambten ongescheiden kan vervullen.
Wellum-inzicht
De Tsemach-profetieën demonstreren wat Wellum 'de verbondsinhoud van de Christologie' noemt: elke nieuwe openbaring van de Spruit voegt goddelijke predicaten toe aan een duidelijk menselijke figuur, zodat de lezer van het Oude Testament al anticipeert op een Persoon die beide naturen in zich verenigt.
Bronnen
- Stephen J. Wellum, God the Son Incarnate (Wheaton: Crossway, 2016), hfst. 5 - Bespreekt de koninklijk-priesterlijke typologie en de cumulatieve openbaring van de Messias.
- Robert Bowman Jr. & J. Ed Komoszewski, Putting Jesus in His Place (Grand Rapids: Kregel, 2007), hfst. 10 - Behandelt de goddelijke Naam JHWH-Tsidkenu als christologisch bewijs.
- Herman Bavinck, Gereformeerde Dogmatiek III (Kampen: Kok, 1910), §§ 10-12 - Bavinck over de messiaanse profetieën als cumulatief bewijs voor de tweenaturen-leer.