Exodus 3:14 → John 8:24, 28, 58
En God zeide tot Mozes: Ik ZAL ZIJN,, Die Ik ZIJN ZAL! Ook zeide Hij: Alzo zult gij tot de kinderen Israels zeggen: Ik ZAL ZIJN heeft mij tot ulieden gezonden! | Ik heb u dan gezegd, dat gij in uw zonden zult sterven; want indien gij niet gelooft, dat Ik Die ben, gij zult in uw zonden sterven. Jezus dan zeide tot hen: Wanneer gij den Zoon des mensen zult verhoogd hebben, dan zult gij verstaan, dat Ik Die ben, en dat Ik van Mijzelven niets doe; maar deze dingen spreek Ik, gelijk Mijn Vader Mij geleerd heeft. Jezus zeide tot hen: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Eer Abraham was, ben Ik.
Toon aantekeningen
De goddelijke naam die aan Mozes werd geopenbaard bij het brandende braambos. Jezus gebruikt absolute 'Ik ben'-uitspraken, in het bijzonder in Johannes 8:24, waar het geloof in Zijn 'Ik ben'-identiteit voor de zaligheid noodzakelijk is.
Toon de grondtekst
OT: אֶהְיֶה אֲשֶׁר אֶהְיֶה → NT: ἐὰν γὰρ μὴ πιστεύσητε ὅτι ἐγώ εἰμι