σωτήρ (sōtēr)
Betekenis: Heiland, Verlosser
Toon vindplaatsen
; John 4:42 ; Acts 5:31 ; Phil 3:20 ; Titus 2:13 ; 2 Pet 1:1
Titus 2:13
Verwachtende de zalige hoop en verschijning der heerlijkheid van den groten God en onzen Zaligmaker Jezus Christus;
Theologische betekenis
Een titel die zowel op YHWH in het OT als op Jezus in het NT wordt toegepast. In Titus 2:13 wordt Jezus 'onze grote God en Heiland' genoemd, waarmee godheid en verlossing worden verenigd.