Christologia een Nederlandse christologie

"Jezus bad tot de Vader"

Jezus bad voortdurend tot de Vader. Als Jezus God was, waarom zou Hij dan moeten bidden? Impliceert gebed niet minderwaardigheid ten opzichte van Degene tot Wie gebeden wordt?

Aangehaalde tekst: John 17:1

John 17:1

Geen lokale tekst beschikbaar.

Lees in andere vertalingen ↗

Toon de respons

De gebeden van Jezus weerspiegelen de eeuwige verhouding binnen de Drie-eenheid en Zijn werkelijke mensheid, niet ontologische minderwaardigheid. De Vader, Zoon en Heilige Geest zijn onderscheiden personen die onderling betrokken zijn op elkaar.

  1. De Drie-eenheid omvat drie onderscheiden personen in eeuwige verhouding. Gebed tussen goddelijke personen weerspiegelt relationeel onderscheid, niet ongelijkheid van natuur.
  2. In Zijn menselijke natuur toonde Jezus volmaakte menselijke afhankelijkheid van God. Hij leefde als de 'tweede Adam', die slaagde waar de eerste faalde. (1 Cor 15:45

    1 Cor 15:45

    Geen lokale tekst beschikbaar.

    Lees in andere vertalingen ↗

    )
  3. De gebeden van Jezus openbaren intimiteit, niet minderwaardigheid. In Johannes 17:5 bidt Hij om verheerlijkt te worden met de heerlijkheid die Hij had 'vóór de wereld bestond' — een aanspraak op eeuwige godheid. (John 17:5

    John 17:5

    Geen lokale tekst beschikbaar.

    Lees in andere vertalingen ↗

    )
  4. Zelfs in gebed sprak Jezus met goddelijk gezag: 'Vader, Ik wil, dat waar Ik ben, ook zij bij Mij zijn, die Gij Mij gegeven hebt' (Johannes 17:24). Hij wil, Hij verzoekt niet slechts. (John 17:24

    John 17:24

    Geen lokale tekst beschikbaar.

    Lees in andere vertalingen ↗

    )